baesweiler

In 1570 liet Johann von Reuschenberg in het westen van het voormalige hertogdom Jülich-Kleve-Berg de molen van Setterich bouwen. Op de sluitsteen van het gebouw staat het bouwjaar. De keuze van de locatie in het open veld ten oosten van Setterich werd bepaald door de westenwinden, die hier bijzonder gunstig waren.

In het pachtcontract van 3 februari 1579 tussen Heinrich von Reuschenberg en de horige Dierich Nobis van de "Kleiner Hof” van Siersdorf wordt de molen voor het eerst vermeld. De oorkonde is te vinden in het Deutschordens-Zentralarchiv (DOZA) in Wenen.

Tot 1912 werd hier graan gemalen, daarna werd het bedrijf gestaakt omdat de molen niet meer kon concurreren met stoommolens.

Hij diende vervolgens als verblijf voor verschillende jachthouders voor tijdens en na de jacht. Zo kwam de molen aan zijn naam ‘jachtkasteeltje’. Hier was ook een tijdje een café gevestigd.